Voordat horloges of klokken bestonden keken mensen naar de stand van de zon om erachter komen hoe laat het ongeveer zou zijn of ze zetten strepen op kaarsen om zo de tijd bij te houden. Deze methodes zijn natuurlijk niet heel nauwkeurig. De eerste draagbare horloge is gemaakt door de duitser Peter Henlein in 1508. Meneer Henlein was 4 jaar bezig met het ontwerpen van het horloge, hij slaagde er uiteindelijk in door zijn uitvinding van de balansveer. Het horloge bestond onder andere uit een veermechanisme en een balansveer. 

Het horloge was een uitvinding die deel maakte om beter te kunnen navigeren, dit was ook de voornaamste reden voor het maken van een horloge. Aan het eind van de 16e eeuw werd het polshorloge uitgevonden door Robert Hooke en Christiaan Huygens die allebei dezelfde constructie bedachten zonder elkaar ooit gesproken te hebben door een balanswiel te laten draaien doormiddel van een veer. In 1704 kwam Nicholas Facio op het idee om edelstenen te gebruiken in de horloges, om zo de duurzaamheid te verbeteren en minder wrijving te krijgen in het balanswiel. 

Omdat er nog steeds geen horloge was die goed genoeg was om op zee te navigeren kwam het Engelse parlement met het idee om een wedstrijd te organiseren : Wie als eerste een horloge kan ontwerpen die goed genoeg was om op zee te navigeren. In 1762 won John Harrison 20.000 pond met zijn horloge ontwerp.

Aan het begin van de 19e eeuw vond Patek Philippe het polshorloge uit, dit was aan het begin geen succes omdat het horloge meer als vrouwensieraad werd gezien. Gelukkig kwam hier verandering in aan het eind van de Eerste wereldoorlog doordat soldaten horloges droegen om zo beter te kunnen navigeren. Het horloge wat we tot heden hebben is uitgevonden in 1957, toen kwamen er horloges met batterijen op de markt. Het meest populaire horloge van dit moment zijn de Quartz horloges.